login leden
nieuws  11-12-2023 

Architecturale modellen als sculpturen – De Pont Museum

‘Westkunstmodelle 1:1’ door Thomas Schütte in De Pont Tilburg, tot 28 januari 2024.

 

In het midden van de uitgestrekte tentoonstellingsruimte in het De Pont Museum zijn drie eerder ongerealiseerde werken van Thomas Schütte voor de eerste keer op ware grootte gerealiseerd. Ze vormen het hart van de tentoonstelling ‘Westkunstmodelle 1:1,’ een titel die is afgeleid van de tentoonstelling ‘Westkunst’ in Keulen in 1981. Destijds, vanwege een ontoereikend tentoonstellingsbudget, werden ze gepresenteerd als kleinschalige modellen met de titels ‘Schiff,’ ‘Bühne,’ en ‘Kiste.’

 

Bovenop een hellende structuur in de vorm van de boeg van een schip, kun je de centrale ruimte van De Pont volledig in je opnemen en de andere twee werken bekijken – een gigantische houten kist en een podium – vanuit een hoger gezichtspunt.

 

De Pont was oorspronkelijk een woltextielfabriek en werd prachtig getransformeerd door Benthem & Crouwel Architects tot een museum. In de voormalige wol opslagruimtes naast de centrale ruimte worden Schütte’s architecturale modellen met ingenieuze vormen en onconventionele materialen tentoongesteld. Hij beschouwt ze als tastbare 3D-objecten, in wezen sculpturen op een sokkel.

 

Een van de modellen, ‘Hotel for the Birds,’ werd in 2007 gerealiseerd als het winnende ontwerp van de Fourth Plinth Commission, een kunstwedstrijd waarbij kunstenaars voorstellen kunnen indienen voor tijdelijke kunstinstallaties of beeldhouwwerken die op het Trafalgar Square in Londen worden tentoongesteld. Dit werk leek op een gestapelde toren van architecturale elementen, verwijzend naar de architectuur van grote toeristenhotels. Andere bijzondere modellen in de tentoonstelling zijn ‘Ackermans Tempel,’ wat verwijst naar de naos (de binnenste kamer van een Griekse tempel), en ‘Clark’s Kristall,’ gebaseerd op de vorm van een kristal dat op ware grootte werd gerealiseerd in de Verenigde Staten.

 

Het is verfrissend om een tentoonstelling in een museum te bekijken die visueel opwindend is, vooral in een tijd waarin de meeste musea, in hun tentoonstellings programmering, zich te veel richten op diversificatie en inclusiviteits transformaties. Dit leidt vaak tot politiek correcte maar droge en saaie tentoonstellingen voor hun publiek. Deze tentoonstelling in De Pont biedt visueel genot en weerspiegelt de aantrekkingskracht van de ruimte waarin de werken worden gepresenteerd.

 

Thierry Somers, hoofdredacteur Nook

 

 

 

nieuws  04-12-2023 

Archiproducts Design Award 2023 voor Rockfon

Rockfon’s nieuwe akoestische wandpaneel, Rockfon® Canva™ Wall Panel, heeft de Archiproducts Design Award 2023 gewonnen in de categorie Kantoor. Dit product, ontworpen in samenwerking met AKUART, is niet alleen esthetisch aantrekkelijk maar biedt ook superieure akoestiek. Het paneel, dat deel uitmaakt van een veelzijdig assortiment van Rockfon, is verkrijgbaar in 34 kleuren en kan gepersonaliseerd worden met eigen afbeeldingen of afmetingen. Het bevat een uitneembaar doek en een frame van mat aluminium, wat zorgt voor eenvoudige installatie en aanpassingen aan interieurwijzigingen. De wandpanelen bieden klasse A geluidsabsorptie dankzij een kern van recyclebare steenwol. Rockfon, onderdeel van de ROCKWOOL Group, is erkend voor het combineren van design en functionaliteit, wat blijkt uit de enthousiaste marktreacties en deze prestigieuze award. Meer informatie over Rockfon Canva is te vinden op www.soundsbeautiful.com/canva-wall-panel. Of neem hier contact op.

 

nieuws  30-11-2023 

Wereldprimeur 1e elektrische tunneloven keramisch sanitair

 

bni-partner Laufen laat verheugd weten dat de Roca Group ’s werelds eerste elektrische tunneloven implementeert voor keramisch sanitair in samenwerking met Keramischer OFENBAU. De innovatieve technologie markeert een cruciale stap in de richting van koolstofvrije keramiekproductie, waardoor Roca Group zich positioneert als de eerste speler met netto-nul productie voor sanitair. De elektrische oven, ontwikkeld na een vierjarig partnerschap, is efficiënt, koolstofvrij en geautomatiseerd, en toont potentieel voor de bredere keramische industrie. Met een focus op duurzaamheid streeft Roca Group naar CO2-neutraliteit in 2045. Het project is een Europees succesverhaal, met Roca’s meerderheidsbelang in Keramischer OFENBAU en een langetermijnsamenwerking voor gezamenlijke decarbonisatiedoelen. Roca Group, met merken als Roca en LAUFEN, blijft zich inzetten voor duurzaamheid en innovatie in de wereldwijde badkamerindustrie. Voor meer informatie, zie de websites van Roca Group en Keramischer OFENBAU.

 

Meer weten over Laufen? Neem contact op met Eric Meijer via de gegevens hier.

 

nieuws  27-11-2023 

De staat van de volkshuisvesting ‘23

 

In 2022 werden de Nationale Woon- en Bouwagenda (NWBA) en de bijbehorende programma’s gelanceerd, met doelen zoals woningbouw, betaalbaar wonen en duurzaamheid. Een jaar later presenteert de overheid de Staat van de Volkshuisvesting 2023, waarin de voortgang op deze doelen wordt gerapporteerd. Het rapport belicht de resultaten op het gebied van woningrealisatie, draagbare woonlasten, duurzaamheid en het verbeteren van kwetsbare wijken. Het tweede deel gaat dieper in op beleidsontwikkelingen binnen de zes programma’s, met een afsluitend hoofdstuk over corporaties.

 

Lees hier de voortgangsrapportage van de Rijksoverheid en de kamerbrief van Hugo de Jonge.

nieuws  11-11-2023 

Terugblik bni 🚲biketour DDW ‘23

video
play-sharp-fill

 

 

24 oktober 2023

bni bike tour DDW editie 4

 

 

dank ook aan Leeuwerik Plaat & Pfleiderer Benelux

nieuws  08-11-2023 

Beneficial hemp

8 november 2023 werd bekend dat de ministeries van BZK, I&W, LNV en EZK €200 miljoen investeren in het bevorderen van biobased bouwmaterialen om de milieu-impact van de landbouw, industrie en bouw te verminderen. Lees hier de publicatie van Volkshuisvesting Nederland.

 

Een goed moment om dit recente artikel uit NOOK Symbiose over Hennep online te zetten.

 

 

 

 

 

 

(volledige tekst:)

 

Historically, hemp has something of a bad rep, which is a shame because it’s an incredibly sustainable building material. And one that can reduce greenhouse gas emissions in all stages, from construction to maintenance. Nook spoke with advocates of hemp – a farmer, a producer, and an architect – about the many benefits of building with this material.

 

Carbon footprint negative

Michel Post, architect and founder of ORIO Architects, is a self-described energetic architect. He believes a building can be more than merely a ‘roof over one’s head’. The immediate surroundings are vital to the experience and energy of a space, building, or environment. “Everything is energy,” says Post. “If we want to establish a renewed connection with nature, it begins with how we perceive our built environment and its influence on us.” Through his architectural firm, Post has designed various ecological, organic, and sustainable buildings using natural materials such as wood, flax, straw, lime, clay, and hemp. “Hemp is a remarkable building material. It is one of the fastest-growing crops, and purifies the air by converting large amounts of CO2 during its growth. It can reach heights of almost four metres in three to four months, and grows in almost any type of soil. Because of its rapid growth, there is no need for weed control, eliminating the need for pesticides.” As a building material, hemp also has a positive carbon dioxide content. In fact, when combined with lime, known as hemp- crete, it can even make a building’s carbon footprint negative. “By using hemp fibre, water, and lime, a mixture is created that provides not only good insulation but alsopossesses excellent acoustic properties,” Post explains. “The material can buffer temperature and humidity, prevent mould growth, and create a comfortable, healthy environment within a building. It is fire- and pest-resistant, lightweight, and forms a hard, vapor-permeable wall, preventing excessive humidity and condensation.”

 

Can fibre hemp get you ‘high’? The answer is a resounding NO.
Thijs Adrichem

 

Reviving an ancient crop

Hemp is also a versatile building material. It can be poured in place using a slip form, sprayed onto an existing structure, stacked as hempcrete blocks, or pur- chased as prefabricated panels for direct installation. And it’s great for insulating buildings, which HempFlax has facilitated since 1993. The company was started with the goal of restoring the ancient crop of fibre hemp to its former glory. Today they successfully cultivate fibre hemp in the Netherlands, Romania, and Germany. “At our production facility in Germany, we produce bio-based insulation. It consists of 66% fibre hemp, 22% recycled jute, 8% PET binder melt fibres, and 4% soda for fire retardancy. It is not a new product, as it has been manufactured since the 1990s and is a certified natural insulation prod- uct,” says Thijs Adrichem of HempFlax. The advantages? It can be easily custom- ised with commercially available tools, is very easy to install, provides long-lasting heat retention, and is safe for humans and animals – it is non-irritating to the skin, and no protective measures are required during installation. Apart from the ma- terial’s health benefits and thermal and acoustic properties, another significant advantage is that, as fibre hemp grows, up to 15,000 kg of CO2 per hectare is stored and retained in the crop. Adrichem: “With our insulation, you can truly make a differ- ence compared to the use of environmen- tally harmful traditional insulations.”

 

1. Hemp benefits
It is a remarkable building materi-
al. It is one of the fastest-growing
crops, and purifies the air by con-

verting large amounts of CO during 2

its growth.

 

2. Hemp benefits
As a building material, hemp com-
bined with lime, known as hempcrete,
can even make a building’s carbon
footprint negative.

 

In the midst of the CO2 farming crisis, hemp emerged as a promising solution with the potential to revolutionise sustainable agriculture and environmentally friendly construction.

 

Room for growth

Sounds almost too good to be true. But there are also some disadvantages to working with hemp. For example, while hemp insulation has many applications in construction, it cannot be used as flat roof insulation or in damp areas. Another downside is the fact that the market for traditional insulations remains large and powerful. According to Adrichem, “Biobased insulations do not have the economies of scale that traditional insulations possess, and despite growing demand, the market remains relatively small and not comparable to traditional alternatives, price-wise.” The good news is that the gap is closing, because traditional insulations require a significant amount of energy iput compared to what it takes to produce hemp insulation. Arguably one of the biggest challenges when working with hemp is the fact that it is a still relatively unknown material. “Not only is the knowledge of bio-based materials relatively limited among clients and the construction industry, but current regulations also require bio-based materials to comply with the same standards as traditional materials. This creates an uneven playing field, like comparing a Dacia car to a Mercedes, and hinders the equal promotion and development of bio-based materials,” Adrichem argues. Educating people and raising awareness about the benefits of hemp also involves downplaying any perceived negative side effects. “We still receive daily inquiries about whether fibre hemp can get you ‘high,’ and the answer is a resounding no,” says Adrichem. “Fibre hemp has a rich and functional history and is distinct from female Cannabis indica, which is used for its high THC content (i.e., marijuana).” Although industrial hemp fibres do not contain psychoactive substances, they are often subjected to the same legal restrictions as marijuana. “Due to the association with marijuana and the lack of knowledge about fibre hemp as a versatile raw materi- al, a stigma developed around its use. This contributed to a negative perception of fibre hemp and hindered its utilisation.” From the 1990s onwards, there was a resurgence in interest and cultivation, and fibre hemp began to be widely used in various applications. Today, its applications are diverse. But there’s room to grow. Adrichem explains how “hemp insulation has been used as a building material in Germany, Switzerland, Austria, France, and Belgium for a long time. In contrast, the Netherlands has traditionally relied on steel, concrete, bricks, and mineral insula- tion. However, there is a positive trend in new projects with a greater focus on using bio-based insulation such as hemp, as it provides a significant advantage in reduc- ing the carbon footprint of a building due to its CO2 storage capacity. Additionally, many people have chosen hemp insulation despite the higher price, recognising its benefits in the previously niche bio-based market. Despite the challenges of scaling up production and increasing awareness among the industry and consumers, hemp undeniably has the potential to play a crucial role in a sustainable future.”

 

Hemp is a versatile construction
material: it can be poured using
slip forms, sprayed onto existing
structures, stacked as hempcrete
blocks, or installed using
prefabricated panels.

 

3. Hemp benefits
Traditional insulations require a
significant amount of energy input
compared to the production of hemp
insulation.

 

4. Hemp benefits
Due to its rapid growth, there is no
need for weed control, eliminating
the use of pesticides.

 

Low-maintenance crop

Over the years, Wim Vos of the Dun Agro Hemp Group has seen a steady increase in both interest in and demand for fibre hemp. A farmer himself, Vos helps other farmers manage the entire fibre hemp process, from seed to harvest. “It’s a very low-maintenance crop,” Vos explains. “Once you’ve planted the hemp, you don’t really have to do much until it’s time to harvest, so farmers can focus their attention on their other crops. Hemp is also a fast-growing crop, doesn’t need watering or any pesticide treatment, and has deep roots, which improve the overall structure and quality of the soil.” With all the benefits attributed to hemp, it’s a wonder not more farmers are turning to this crop, especially in light of the Dutch government’s plan to halve emissions by cutting livestock numbers and production. That same government, though, compli- cates matters with red tape and regulations. “The current policy isn’t helping,” Vos claims. “The numbers simply aren’t adding up. There is no financial incentive. In fact, the way things are set up right now, a farmer can yield up to ten times more from an acre of protein crops instead of fibre crops like hemp.” Still, he believes that the future for hemp fibre is looking bright. “It’s a beautiful product. It’s a crop that actually cleans the ground, and with all the building restrictions and rising costs of materials, we’re expecting an even bigger demand in fibre hemp.” [Anneloes van Gaalen]

 

This article was published in our magazine #2 2023: NOOK Symbiose – building in harmony with nature. You can order NOOK here

 

video
play-sharp-fill

 

 

nieuws   

Lancering Creatieve Community

Digitale ontmoetingsplek voor werkenden in de sector

 

Vandaag lanceert De Creatieve Coalitie een digitale ontmoetingsplek voor werkenden uit de culturele en creatieve sector. BNI is al jaren betrokken bij de Creatieve Coalitie. Waren er in 2018 nog maar 22 leden, inmiddels is dat aantal verdubbeld.

 

Waarom de Creatieve Community?

De Creatieve Coalitie heeft als doel de arbeidspositie van werkenden in de culturele en creatieve sector te verbeteren. Om daar zo goed mogelijk in te slagen, is het belangrijk voortdurend in contact te blijven met de mensen om wie het gaat. Daarom is er één plek gebouwd waar alle werkenden het gesprek met elkaar kunnen aangaan en waar ook ledenorganisaties kennis en informatie met elkaar kunnen delen.
#samenstaanwesterker

 

 

En nu is er vanaf woensdag 8 november is er één digitale ontmoetingsplek voor alle 300.000 werkenden in de culturele en creatieve sector: de Creatieve Community. De Creatieve Community is een initiatief van De Creatieve Coalitie, de koepelvereniging van werkenden in de creatieve en culturele sector.

 

Op dit platform kunnen vakgenoten vanuit allerlei disciplines met elkaar in gesprek gaan, blijven zij op de hoogte van actuele ontwikkelingen en kunnen zij tools vinden om hun (arbeidsmarkt)positie te versterken. 
 
Veel werkenden in de culturele en creatieve sector zijn niet bekend met het bestaande subsidieaanbod, tariefcheckers, richtlijnen en relevante wet- en regelgeving. Om professionals in de culturele en creatieve sector te versterken én het gesprek hierover te stimuleren, lanceert De Creatieve Coalitie deze digitale ontmoetingsplek.

 

De Creatieve Community heeft de functie van een forum, ontmoetingsplaats en kennisbank. Werkenden uit de sector kunnen aan elkaar vragen stellen, ontwikkelingen agenderen en hun opvattingen delen.

 

Thomas Drissen, directeur van De Creatieve Coalitie, hoopt dat de community een verbindende rol gaat spelen in de sector. “De culturele en creatieve sector bestaat uit tientallen beroepsdisciplines. Hoewel er onderlinge verschillen zijn, is er ook veel wat hen met elkaar bindt. Er is een gedeelde wens en urgentie om Fair Pay met elkaar te realiseren. Het gesprek over het hoe en waarom, dat hopen wij te faciliteren op de Creatieve Community.” Daarnaast is het via de Creatieve Community laagdrempelig om in contact te komen met 44 beroepsorganisaties, vakverenigingen en vakbonden die zijn aangesloten bij de Creatieve Coalitie.

 

Kijk snel op www.decreatievecommunity.nl en sluit je vandaag nog (kosteloos) aan bij deze community.

 

nieuws  06-11-2023 

Designing imaginative and intricate residential floor plans

 

 

 

This article was published in our magazine Nook Architectural drawing. Read the full article below:

 

HAS THE FLOOR PLAN BECOME A ONE-SIZE FITS-ALL?

 

The latest issue of Out There, the bookazine published by architecture firm De Zwarte Hond, is an appeal for better residential floor plans. Nook spoke to architect LISA VAN DER SLOT, a driving force behind the publication, along with architects WILLEM HEYLIGERS and SOU FUJIMOTO, who all designed residential projects showcasing imaginative and intricate floor plans in diverse dimensions.

 

Because of the housing shortage, there are now plans to build a
million houses, but they must not lead to cookie-cutter housing.

Lisa van der Slot

 

What insights have you gained from this project on floor plans that you didn’t have when you started?

Lisa: Several. We studied the housing map from 1890 to now. You can see the moment of time reflected in the floor plan. For example, in the 1930s, materials were scarce but labour was cheap. Back then, homes were delivered with good built-in cupboards, lots of rich detailing such as stained glass windows or beautiful en suite doors.

Secondly, when we started the project, we felt that floor plans in the Netherlands had become more and more unitary and we were able to confirm this. When drawing floor plans, architects and developers think very much in terms of the standard family. However, a quarter of houses are occupied by parents with children and three-quarters are occupied by singles, cohabitants, or people who sometimes have a child because they have a co-parenting arrangement. So the standard doesn’t exist and people’s needs have changed as well. Some people see their home as a place to retreat to rest and reflect. Some want very wide-open living, while others really enjoy living in the city and settle for a smaller living space. The diversity is quite broad. We are missing that in the floor plans now.

The third insight is that, as an architect, you can’t do it alone. I quite believe that any architect can design beautiful floor plans, but to actually get them built you have to work together. You need the support of the municipality, a developer, and a broad team of specialists to experiment with the floor plan together and turn it into something special.

 

Is the current housing crisis also a crisis of quality of living?

Indeed, despite plans to build a million homes by 2035 due to housing shortages,

we shouldn’t resort to ‘cookie-cutter housing’. We should not start building a lot of houses without thinking carefully about the quality of these houses, as is also a big part of the problem. Floor plans that are tailored to residents and users contribute to the quality of living. The human scale seems to be forgotten in floor plans.

 

In Out There you wrote that architects have let housing associations and developers take the lead when it comes to floor plans. How did that happen, and how can architects regain that role?

First of all, by opening the conversation. It regularly happens that whoever is going to develop or build the houses approaches an architect with the floor plan already under their arm. The architect is then asked to design the facade, and that’s it. But residential quality is much more than just designing a facade. In that sense, we [at De Zwarte Hond] do feel that, in the profession, sometimes too much attention is paid to the exterior and too little is spent on the interior and how it will be used.

 

Are architects more interested in designing the exterior than the interior?

I dare not say that, but I’m left with that feeling. For example, an architect can stir up discussion about whether built-in cupboards will be in the houses. I live in a street in Rotterdam with many houses that are rented out for one year to international students. In August, there are piles of rubbish on the street with all sorts of IKEA cupboards and beds. And in September, vans drive en masse into the street to deliver newly ordered IKEA beds and cupboards. This is a terrible shame. The built-in cupboards of the 1930s have now lasted almost 100 years. It’s quite an investment to deliver homes with fitted wardrobes, but if you look at the whole lifespan of such a wardrobe, it saves material and, in the long run, money. We think there isn’t enough attention given to this in construction budgets and their distribution. An architect can help decide how the money is allocated. Henk Stadens [architect-partner at De Zwarte Hond] is currently collaborating with a furniture builder to research how to reintroduce this quality in a cost-effective and sustainable manner.

 

Nook requested Lisa van der Slot to design a floor plan for a space where she’d want to live using only 53 square metres per person, the average living area for residents in the Netherlands:

 

 

Why is there less focus on floor plan design in architectural education?

It could be because of the complexity of the issues we’re facing. I am on the jury of the Archiprix this year, and many projects are about circular building and the climate crisis. Perhaps the floor plan is not the most burning issue or sexy theme. There are also offices – fortunately, we do not – that design a floor plan parametrically. Then the computer starts from the minimum to generate what a floor plan should look like. Perhaps the feeling has crept in that floor plans are not or are less a part of the architect’s job, which has led to diminishing interest in them in education.

 

What is important when designing a good floor plan?

It’s vital to see from the user’s perspective and anticipate their potential needs. Of course, you can’t do that completely, because every person is different, but try to see through the eyes of the user how they move through the floor plan. Consider how the space might be utilised, the perspectives it offers, and its adaptability. Floor plans customised to residents enhance the living experience. Designing a floor plan is not some kind of puzzle you solve, because you design them for human beings who are going to live there and need flexibility to adapt the homes to their taste and needs.

 

Jeroen de Willigen writes in Out There, “There is something abject about designing a floor plan to figure out how people should live.” Do you agree with him?

Yes. He believes it might be presumptuous to determine how people should live. However, this shouldn’t deter architects from designing thoughtful floor plans. Rather than imposing a rigid lifestyle through a fixed layout, a floor plan can be spacious, inspiring, adaptable, and present various living options. It’s about opening up as an architect. Irene Cieraad, an anthropologist at TU Delft, remarked in our magazine that a large proportion of architecture students grew up in a detached house, often somewhere in the countryside, and then [as architects] they start thinking about how a family is going to live in a flat. Architects are not all-knowing, but you can design a home for residents by empathising with the user, listening to their needs, and accepting influence from others. As an architect, you have to function like a sponge that absorbs all kinds of information and then knows how to turn it into a building. Thus, opening up is very important. [Thierry Somers]

 

Out There is published by architecture firm De Zwarte Hond and edited by Lisa van der Slot and Henk Stadens. Cover illustration by Nadia Pepels.

 

 

THINKING FROM THE INSIDE OUT

 

 

 

“We design a floor plan as if it were our own home and look very carefully at how to create as much living space as possible and as little hallway as possible”.

Willem Heyligers

 

 

 

[floor plan]

MVRDV designed the building, including the floor plans. However, the Valley’s owner, the Rosenbaum family, wanted to turn it into high-end free-sector rental housing and asked us to redesign the floor plans.

 

Originally, the floor plans for the flats contained a lot of square metres of hallway. From the bedroom, you always had to go through the hallway to the bathroom, and a three-bedroom flat had only one bathroom. So we converted the floor plans from three bedrooms to two bedrooms and two bathrooms as an example. We also increased the square metres of living space. The focus was comfort comes first: the living area must be in line with the size of the apartment.

 

We upped the luxury level as well. For the flats, we designed kitchens and bedrooms with wardrobes up to the ceiling and walk-in closets, and fitted all the high-end Modular lighting. All that’s left for the tenants to do is to lay down the flooring and place their furniture.

There are a total of 198 rental flats in the Valley. Unique drawings were made for almost all of them, with the exception of 24 smaller flats measuring around 50 square metres with a loggia on the glass facade, which have almost identical floor plans. All apartments in the Valley have a loggia and a balcony, or several balconies, and we took into account how daylight enters, being very different with a broad variation in angles and a big difference between the corporate facade and the Valley facade.

 

We conducted a radical transformation of the layout in a relatively short time, because construction had already started. It was an incredibly complicated process with shafts, concrete structures, and cantilevers already in place that we had to take into account. Sometimes we wanted holes in other places, and we worked very closely with MVRDV, the installers, and the structural engineer in order to achieve that.

 

The art of designing a good floor plan is thinking from the inside out. When big architecture firms design luxurious high-rise residential complexes, you see that they think of the building from the facade and then start working on the interior, which has become something of a residual. There seems to be less interest in designing the interior at big firms – they consider it less important. We are an architecture firm that designs both interiors and exteriors, and we really think from the user’s perspective. We design a floor plan as if it were our own home and look very carefully at how to create as much living space as possible and as little hallway as possible. A floor plan can be a complicated jigsaw to solve, but we really enjoy doing it. [Thierry Somers]

 

 

 

This article was published in our magazine NOOK Architectural Drawing. You can order NOOK here

 

video
play-sharp-fill

 

 

 

 

 

 

nieuws  02-11-2023 

Een liefdevolle vredesduif

 

Veel internationale medewerkers van i-did zijn vaak afkomstig uit conflictgebieden en de impact van de huidige gebeurtenissen is groot. Dit motiveert tot actie. Om gelijkheid en recht op leven te benadrukken tijdens oorlogen en conflicten, werkten Odette Ex van Ex Interiors en i-did samen aan een idee: een vilten vredesduif broche. Per broche gaat €1,- naar Artsen Zonder Grenzen.

 

“De vredesduif is een internationaal symbool en de personificatie van vrede. Een symbool van verzoening tussen mensen en nieuw leven na de dood.

De vele crisissen, conflicten en oorlogen wereldwijd, waarvan ook de huidige, heftige strijd tussen Israël en Hamas, raakt de mensheid diep en geeft ons allen een gevoel van machteloosheid. Met zelfs een vrees voor het ontnemen van persoonlijke vrijheid in Nederland. Samen zijn wij voor vrede.🕊️ Wij zijn voor alle mensen. Voor jong én oud, ongeacht geloof, afkomst en nationaliteit”.

 

De vilten broche in de vorm van een vredesduif is gemaakt van gerecyclede verpleegkundigen uniformen. i-did en Odette Ex willen met het verspreiden van deze vredesduif een fysieke uiting geven aan de wens om te leven in een vreedzame, inclusieve wereld, waarbij verbinding, compassie en medemenselijkheid centraal staan. Iedereen kan vol liefde de duif opspelden zonder provocatie en zonder stelling te nemen.

 

“Wellicht lijkt het een druppel op een gloeiende plaat. Maar wij zijn ervan overtuigd dat je kleine stappen kunt zetten in je eigen wereld om grote veranderingen te bewerkstelligen. Stap voor stap”.

 

Het bestellen van de broche kan hier.

 

nieuws  01-11-2023 

Local Hero Renée Gailhoustet

Ons bestuurslid Elise Zoetmulder heeft een artikel is geschreven voor het platform Local Heroes. Dit is een initiatief van Office Winhov, waar gastschrijvers de ruimte krijgen om te schrijven over hun eigen, onderbelichte, Local Hero.  Voor Elise is dit de Franse architect Renée Gailhoustet (1920-2023)

 

 

Renée Gailhoustet is een onderbelichte architect en stedenbouwkundige uit wiens werk veel lessen kunnen worden getrokken die relevant zijn in de hedendaagse context. De publicatie richt zich op het bijzondere oeuvre dat Gailhoustet in Ivry-sur-Seine, Parijs op activistische wijze realiseerde in de jaren 70-90.

 

Gailhoustet’s ontwerpen kenmerken zich als woongebouwen die als groene bergen de stad in lijken te groeien. Stedenbouw, architectuur en interieur zijn integraal ontworpen waar ruimte wordt gelaten voor het onverwachte. Als interieurarchitect richt Elise zich in de publicatie op de wijze waarop de woningen van binnen gebruikt worden en hoe ze op ongedwongen wijze sociale verbinding stimuleren.

 

Lees de publicatie om erachter te komen wat Gailhoustet bijzonder maakt en hoe haar gedachtegoed de huidige bewoners nog elke dag inspireert om op eigen wijze te leven.

 

Stedenbouw

Als stedenbouwkundige ontwierp Gailhoustet integraal door het toepassen van uiteenlopende woningtypologieën, gemeenschappelijke functies en ruimte te reserveren voor het onverwachte. Ze maakte ruimte waar de bewoners zelf invulling aan konden geven.

 

Architectuur

Voor Gailhoustet zijn de menselijke maat en sociale interactie belangrijk. Ze ontwierp een rationeel constructief patroon dat ruimte geeft aan een grote variatie aan ruimtes en terrassen. Haar gebouwen worden bewoond door een grote diversiteit aan mensen die een sterke sociale verbinding voelen met elkaar en het gebouw.

 

Interieur

Ze ontwierp woonplattegronden met grote verschillen qua formaat, indeling en buitenruimte. De ruimtes lopen in elkaar over en zo ontstaan er unieke en verbonden ruimtes met visuele continuïteit. De diagonalen laten een kleine ruimte groot voelen en gangen afwezig zijn.

 

Lees hier de volledige publicatie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

nieuwere berichten - oudere berichten

vind een interieur­architect

vind een IA

word lid

 

Profiteer van de voordelen van een lidmaatschap van bni. Word nu lid

 

klik hier

word lid