magazine

Meer erkenning

tekst: Frederike Bax
beeld: Eric Kampherbeek

Op 29 september wordt de BNI-prijs 2011 uitgereikt. Voordat het zover is staan de juryleden voor de moeilijke taak uit de acht genomineerde afstudeerwerken een winnaar te selecteren. Waar gaat juryvoorzitter Odette Ex op letten en wat wil zij de genomineerden meegeven?

Waarom is de BNI-prijs belangrijk?
“Ik vind het belangrijk jonge interieurarchitecten te stimuleren en te motiveren om na hun opleiding door te gaan en zich te ontwikkelen als allround professionals. Toen ik in 1987 afstudeerde werd ik, totaal onverwacht,  genomineerd voor de BNI-prijs. Bij de uitreiking kreeg ik een eervolle vermelding. Datzelfde jaar ontving ik een startstipendium. Vanuit twee hoeken kreeg ik het signaal dat mijn werk gezien mag worden. Dat was geweldig,. Het gaf me vertrouwen.”   

Waar ga je op letten bij de beoordeling van de afstudeerwerken?
“Ik ga vooral op kwaliteit letten. Op de ruimtelijke kwaliteit van het ontwerp en op creativiteit. Ik vind dat je als interieurarchitect in staat moet zijn een eigen visie te ontwikkelen en een eigen signatuur te maken. Ik vind het ook belangrijk dat een interieurarchitect  in staat is opdrachtgevers goed te begrijpen en te begeleiden door alle fases die van oud naar nieuw leiden zonder het beeld dat hij voor ogen hadden uit het oog te verliezen. Een interieurarchitect moet het vak doorvoelen om te kunnen groeien en verder te komen.” 
 
Welke tip wil je jonge interieurarchitecten meegeven?
 “Toen ik zelf als interieurarchitect begon, was ik een soort kunstenaar. Ik merkte al gauw dat dat niet genoeg was. Om je staande te houden moet je ook zakelijk sterk zijn en alle bijkomende processen beheersen. Dus je moet niet alleen een eigen visie hebben en een goed concept neerzetten, maar ook luisteren naar opdrachtgevers, samenwerkingsverbanden aangaan, bouwkundig onderlegd zijn, kostenramingen maken, helder presenteren, communiceren enzovoorts. Wil je serieus genomen worden als interieurarchitect, dan moet je professioneel te werk gaan en het totale pakket beheersen.”

Hoe zie je de toekomst van het vak?
“Er is steeds meer erkenning voor het vak. Door de crisis is de aandacht verschoven naar revitalisering van gebouwen en dat is het terrein van de interieurarchitect. Er zijn nu echter ook veel architecten die zich hierop storten. We moeten ervoor zorgen dat we niet worden ingehaald, en ons als specialisten van de beleving van de ruimte blijven onderscheiden. Dat wil niet zeggen dat we niet moeten samenwerken. Architect en interieurarchitect kunnen elkaar versterken. Als architect en interieurarchitect elkaars expertise erkennen ontstaat een Gesamtkunstwerk.”

'We moeten ons als specialisten van de beleving van de ruimte blijven onderscheiden'