magazine

Aan tafel bij Rietveld

tekst: Aukje Inberg
beeld: Ernst Morritz

Dé Rietveldstoel, dé Rietveldacademie, dé Rietveldwoning: in ieder naslagwerk over kunst vind je Rietveld. Binnen de opleiding interieurarchitectuur ‘moet je hem kennen’. Onder vakgenoten is het not done om de principes van Rietveld niet in je hoofd te hebben. Maar is het met Rietveld niet als met andere iconen? We weten wat we van ze horen te weten, maar kunnen ze nog verrassen en inspireren?  Kan je over een klassieker als Rietveld nog een tentoonstelling maken die meer vertelt dan er al gezegd is?

Het Centraal Museum Utrecht en het Nederlands Architectuur Instituut dachten van wel. Daarom is door medewerkers van deze organisaties de tentoonstelling Rietvelds Universum samengesteld. De bedoeling is te laten zien dat architect en ontwerper Rietveld meer heeft ontworpen dan de klassieke rood-blauwe stoel en het beroemde Schröderhuis. De tentoonstelling is bedacht en ontworpen door Rob Dettingmeijer,  Marie-Thérèse van Thoor en Ida van Zijl. “Om te achterhalen wat Rietveld allemaal in huis had, zijn we gaan denken als Rietveld, we zijn in Rietvelds universum gaan leven”, zegt Van Zijl.  

Verboden
“We nodigen de bezoeker uit om als het ware bij Rietveld aan tafel te gaan zitten”, vervolgt zij. Voor de bezoeker betekent dat dat hij af en toe midden in één van Rietvelds ontwerpprocessen belandt. Dettingmeijer laat zien hoe dicht we bij Rietveld zijn: “Je ziet de gaten van de punaises nog in de bouwtekeningen zitten.” Om het gevoel te versterken zijn de getoonde foto’s afkomstig uit Rietvelds eigen collectie. Bovendien zijn er veel originele teksten en tekeningen van Rietvelds hand. Het zijn maar een paar voorbeelden van de manier waarop in deze tentoonstelling de bezoeker in Rietvelds universum wordt geïntroduceerd.

De tentoonstellingsmakers zijn niet alleen bij Rietveld aan de ontwerptafel gaan zitten, ze hebben ook gebouwd volgens de principes van Rietveld. Daardoor ervaar je als bezoeker de denkwijze van Rietveld en zie je hoe deze zich tot de huidige ontwerpprincipes  verhoudt. Van Thoor: “Rietveld staat bekend als iemand die sterk aan bepaalde ontwerpprincipes vasthoudt, maar door zijn werk uit te voeren werd duidelijk dat hij dingen heeft ontworpen die nu op de Technische Universiteit verboden zijn”.

Vooruitziende blik
Rietveld heeft het imago van een meubelmaker. In de tentoonstelling komt aan het licht dat hij een sterk interdisciplinair ontwerper is geweest. Hij was naast architect en meubelmaker ook grafisch ontwerper en hij had grote belangstelling voor stedenbouw . Met zijn stedenbouwkundige ontwerpen reageerde hij op maatschappelijke ontwikkelingen. Zo heeft hij verrassende oplossingen bedacht voor de woningnood die toen heerste. Met zijn oplossingen blijkt hij een vooruitziende blik te hebben gehad ten aanzien van de uniformiteit die door de massaproductie zou ontstaan. Het zijn oplossingen die volgens Dettingmeijer vanwege een bekende reden niet zijn doorgegaan: “De conservatieve denkwijze van de aannemers heeft ervoor gezorgd dat het project nooit uitgevoerd is”.

Pas in de eerste periode van de 20e eeuw werd het begrip ‘ruimte’ karakteristiek voor de architectuur. Met zijn meubelontwerpen en architectonische ontwerpen heeft Rietveld dat begrip onderzocht zoals we dat van hem kennen. In de tentoonstelling zien we echter dat hij daarin veel uitgebreider te werk is gegaan dan we weten. In het ontwerp voor een tehuis voor invalide kinderen op Curaçao speelde het begrip ruimte voor hem bijvoorbeeld een centrale rol omdat hij daar, dankzij de weersomstandigheden, op een heel andere manier met dat begrip om kon gaan. Dat heeft een ontwerp opgeleverd dat in niets aan de bekende Rietveldontwerpen doet denken.

Creatief genie
Door Rietveld en zijn manier van werken centraal te stellen en te vergelijken met beroemde tijdgenoten als Wright, Le Corbusier en Mies van der Rohe wordt Rietvelds ‘creatieve genie’ in een nieuw licht geplaatst. Er ontstaat een interessant beeld van Rietvelds bijdrage aan 20-ste eeuwse architectuur en design. In de tentoonstelling worden bijvoorbeeld quotes en maquettes van Rietveld en zijn tijdgenoten tegenover elkaar geplaatst waardoor ze als mensen erg gaan leven. Het wordt duidelijk dat ze elkaar hebben geïnspireerd terwijl er ook grote wrijving is geweest tussen Rietveld en zijn concurrenten.

Door het werk van Rietveld naast dat van tijdgenoten te plaatsen, wordt duidelijk dat hij als architect en vormgever soms zelfs radicaler was dan collega’s als Van der Rohe en Le Corbusier. Ook blijkt dat op cruciale momenten kunstenaars als Van der Leck en Van Doesburg een beslissende invloed hebben gehad op zijn werk. Op zijn beurt heeft Rietvelds werk een belangrijke wending gegeven aan de ontwikkeling van architecten en vormgevers zoals Breuer en Aalto.

Zigzagstoel
Rietvelds experimentele manier van werken staat centraal in de tentoonstelling. Zo is zijn zoektocht naar een stoel uit-één-stuk te volgen, waaruit de zigzagstoel is ontstaan. Maar bij deze tentoonstelling krijgt de bezoeker zelf ook de gelegenheid om aan Rietvelds ontwerptafel te experimenteren. Iedere bezoeker kan zelf gaan bouwen aan de hand van de ideeën en ontwerpen van Rietveld.

Dankzij de bijzondere opzet van de tentoonstelling kan geconcludeerd worden dat deze klassieker zeker nog kan verrassen en inspireren. Je kunt nog aanschuiven aan Rietvelds tafel in het Centraal Museum in Utrecht tot en met 30 januari 2011.